Ga naar inhoud

Dienstregels & Nazorg

Dienstregels en gedragscode

De Ambulancedienst Metro Stad streeft naar een professionele, betrouwbare en veilige werkomgeving. Deze regels zijn bindend.

Aanwezigheid en dienstinzet

  • Dienststart: aanmelden via porto, meldkamer of beschikbaarheidskanaal
  • Dienstduur: minimaal 45 minuten per actieve dienst, tenzij anders afgesproken
  • Ziek- of uitvalmelding: altijd melden aan Teamleider of hoger
  • Verlaten van post zonder melding: alleen toegestaan bij noodoproep of met toestemming

Kledingvoorschriften

  • Iedereen draagt zijn of haar rangspecifieke uniform correct en volledig
  • Niet-officiĆ«le emblemen, maskers, wapens of accessoires zijn niet toegestaan
  • Bij oefeningen of extreme omstandigheden mag passende kleding worden gedragen in overleg

Gedrag tijdens dienst

  • Wees beleefd, rustig en gefocust, ook tijdens chaotische scenes
  • Respecteer rangorde en vraag bij twijfel na
  • Verboden gedrag:
    • Onnodig gillen, lachen of grappen tijdens incidenten
    • Onprofessioneel taalgebruik tegen burgers of collega's
    • RP saboteren of frustreren
    • Statusrapporteren of inzetten faken
  • Iedere medewerker is verantwoordelijk voor fouten die voortkomen uit roekeloosheid of onkunde

Gedrag buiten diensttijd

  • Gebruik je functie niet om RP-voordeel te behalen als burger
  • Draag geen uniform en gebruik geen dienstvoertuigen als je off-duty bent
  • Negatief of asociaal gedrag buiten dienst kan gevolgen hebben voor je functie

Gebruik van voertuigen

  • Bestuur alleen voertuigen waarvoor je gecertificeerd bent
  • Gebruik sirenes en zwaailichten alleen bij spoedmeldingen en met verkeersverantwoording
  • Parkeer correct bij meldingen en blokkeer verkeer alleen wanneer nodig
  • Onverantwoord gedrag leidt tot gesprek of sanctie

Communicatie en rapportageplicht

  • Bij incidenten: korte en duidelijke communicatie via porto
  • Na incidenten is rapportage verplicht bij:
    • Reanimatie
    • Massaal incident
    • Gewonden door geweld of wapengebruik
  • Rapportage bevat minimaal:
    • Tijdsverloop
    • Betrokken voertuigen
    • Ingezette personen
    • Gebruikte middelen
    • Bijzonderheden

Integriteit en sancties

Zero tolerance voor:

  • Corruptie of medewerking aan criminele RP
  • Misbruik van bevoegdheden, voertuigen of informatie
  • Structureel negeren van protocollen

Maatregelen bij overtreding:

  • Waarschuwing of leerplicht
  • Tijdelijke schorsing
  • Ontslag bij zware of herhaalde schendingen

Meldsysteem wangedrag

Iedere medewerker mag anoniem of open melding doen van:

  • Ongepast gedrag van collega's
  • Structurele fouten in RP of uitvoering
  • Misbruik of machtsmisbruik binnen de organisatie

Meldingen worden vertrouwelijk behandeld door Teamleider, Officier of Commandant.

Psychologische gezondheid en nazorg

In de Ambulancedienst wordt niet alleen aandacht besteed aan fysieke zorg voor de patient, maar ook aan het mentale welzijn van medewerkers.

Impact van het werk

Medewerkers kunnen regelmatig geconfronteerd worden met:

  • Heftige incidenten zoals verkeersongevallen, geweld en sterfgevallen
  • Onvoorspelbaarheid en snelle besluitvorming onder druk
  • Langdurige stress of uitputting

Veelvoorkomende psychische gevolgen:

  • Post-traumatische stressstoornis (PTSS)
  • Burn-out
  • Angst- en depressieve klachten
  • Emotionele uitputting

Debriefing en nazorg

Debriefing sessies

  • Na zware of traumatische incidenten wordt een debriefing georganiseerd
  • Na elke GRIP-situatie is debriefing verplicht
  • Debriefing is optioneel maar aanbevolen na andere zware meldingen

Vertrouwenspersonen

Elke medewerker heeft toegang tot een vertrouwenspersoon voor:

  • Vertrouwelijke gesprekken over psychologische belasting
  • Doorverwijzing naar professionele hulp
  • Ondersteuning bij stress of conflicten binnen het team

Psychologische nazorg

  • Wekelijkse check-ins bij medewerkers die recent zwaar werk hebben verricht
  • Verplichte rustperiodes na zware meldingen
  • Mogelijkheid tot anonieme en kosteloze psychologische begeleiding

Signalen van stress en burn-out

Let op deze signalen:

  • Emotionele uitputting
  • Verhoogde prikkelbaarheid
  • Cognitieve vermoeidheid
  • Slaapstoornissen

Medewerkers moeten tijdig het gesprek aangaan met hun leidinggevende of vertrouwenspersoon.

Preventie

  • Zorg voor voldoende vrije tijd en rust
  • Ondersteun elkaar actief binnen het team
  • Stimuleer lichamelijke activiteit, slaap en gezonde leefstijl
  • Volg training in stressmanagement

Open communicatie

  • Bespreek mentale gezondheid zonder oordeel of stigmatisering
  • Maak mentale gezondheid een vast onderdeel van teammeetings
  • Moedig medewerkers aan zich uit te spreken over ervaringen en gevoelens

Slotopmerking

Een gezonde en ondersteunde medewerker is in staat om het beste werk te leveren en de stad te dienen met de hoogste zorgstandaard. Ondersteuning vragen is geen teken van zwakte, maar van verantwoordelijkheid.